
Het bereiken van de juiste temperatuur voor onderzoek en ontwikkeling van glas
Het probleem met de meeste standaardlampen voor het aanbrengen van hitte is dat ze te ‘perfect’ zijn. Ze zorgen voor een gelijkmatige verdeling van de hitte over het hele oppervlak. Maar wanneer je met nieuwe glasmixtures of vreemde, dunwandige vormen werkt, is juist een gelijkmatige verdeling van de hitte schadelijk.
Je wilt geen uniforme hitteverdeling. Je hebt juist specifieke thermische verschillen nodig om een faseovergang te veroorzaken of om te voorkomen dat het glas barst terwijl het afkoelt.
Het gaat niet alleen om de grootte
De meeste leveranciers vragen naar de lengte en diameter van de lamp. Dat is prima, maar dat is niet waar het echte verschil ligt. Wij letten op de krachtsterkte van de lamp. Door de manier waarop de gloeidraad is opgewikkeld en de spanning aan te passen, kunnen we de hitte richting het midden van de lamp dirigeren of juist verspreiden over de randen. Stel je voor: als je monster een snelle stijging van de temperatuur in het midden nodig heeft, terwijl de buitenkant langzaam warmer moet worden, zal een standaardlamp eerst het midden beschadigen, voordat de randen zelfs maar warm worden. Een gepersonaliseerde verdeling van de hitte lost dit probleem op.
De nadelen van hoge vermogens
Je zou misschien geneigd zijn om het vermogen van de lamp op te voeren om de tijd die nodig is om de gewenste temperatuur te bereiken, te verkorten. Maar er is een prijskaartje verbonden aan dit plan. Lampen met hoge krachtsterkte oefenen veel druk uit op de kwartsomhulling. Als de koelingsluchtstroom niet perfect is afgesteld, zullen deze lampen snel slijten. Ik raad altijd aan om het vermogen van de lamp af te stemmen op wat de vacuümkamer of atmosferische kamer daadwerkelijk kan verdragen. Als je 2000 watt in een kleine ruimte gebruikt zonder voldoende ventilatie, zorg je er alleen maar voor dat de gloeidraad kapotgaat.
Het gebruik in het laboratorium
Wij bouwen deze lampen speciaal voor het onderzoeksfase, waarin je graag nieuwe dingen probeert. Je kunt ze aansluiten op variabele transformatoren en de vermogensniveaus ter plekke aanpassen. Dat is een enorme opluchting: je hoeft geen tien verschillende lampen te kopen om de juiste temperatuurcurve te vinden. Je past gewoon de invoer aan, kijkt hoe het glas reageert en past het steeds verder aan tot het goed is.
Het wordt dan geen star apparaat meer, maar een werktuig dat je echt kunt aanpassen.